Hoe organiseer je een schrijversbezoek voor mensen die niet vanzelfsprekend deelnemen aan een taalactiviteit? En wat is ervoor nodig om nieuwe doelgroepen te bereiken?
Tijdens haar masterstage bij de Schrijverscentrale onderzocht Femke Nijhuis hoe schrijversbezoeken kunnen aansluiten bij volwassenen die moeite hebben met lezen en schrijven. Voor haar scriptie sprak zij twaalf werkbedrijven (voorheen sociale werkplaatsen) verspreid over heel Nederland waar medewerkers werken aan hun ontwikkeling richting werk.
Wat maakt een schrijversbezoek waardevol voor deze doelgroep? Welke rol speelt de schrijver? En wat kunnen organisatoren hiervan leren? Femke deelt haar belangrijkste inzichten.
Hoe kwam je op het idee om je scriptie aan dit onderwerp te wijden?
"Voor mijn scriptie kon ik kiezen uit verschillende doelgroepen. Uiteindelijk werd ik vooral nieuwsgierig naar volwassenen die moeite hebben met lezen en schrijven. Juist omdat deze groep vaak moeilijk te bereiken is en minder zichtbaar is binnen culturele activiteiten. Dat maakte het voor mij interessant om te onderzoeken welke rol schrijvers hier kunnen spelen."
Welke vraag wilde je met dit onderzoek beantwoorden?
"De centrale vraag was hoe de Schrijverscentrale schrijversbezoeken kan positioneren binnen organisaties waar veel laaggeletterde volwassenen werken, zodat deze doelgroep op een inclusieve manier wordt bereikt. Daarvoor wilde ik eerst begrijpen hoe die organisaties werken. Welke ontwikkelactiviteiten bieden ze al aan? Hoe kijken ze naar externe activiteiten? En hoe gaan ze om met laaggeletterdheid? Op basis daarvan kon ik onderzoeken wat zij nodig hebben om schrijversbezoeken een plek te geven."
Wat was de belangrijkste uitkomst van je onderzoek?
"Organisaties staan over het algemeen positief tegenover schrijversbezoeken, maar hebben behoefte aan een concreet aanbod. Ze willen weten wat een schrijver precies komt doen, hoe een activiteit eruitziet en wat deze oplevert voor medewerkers. Daarnaast bleek dat organisaties graag zien dat de Schrijverscentrale actief meedenkt over de invulling. Hoe concreter het voorstel, hoe makkelijker het wordt om een schrijversbezoek in te passen in hun bestaande activiteiten."
Waarom denken de werkbedrijven die je sprak dat schrijversbezoeken kunnen werken voor hun medewerkers?
"Veel respondenten zagen de waarde van projecten waarbij deelnemers samen met een schrijver hun eigen ervaringen en verhalen delen. Daarbij werd onder meer verwezen naar het project van de Schrijverscentrale bij Zaffier, waar medewerkers samen met schrijver Karin Giphart aan hun eigen verhalen werkten. Volgens de organisaties gaat het daarbij om veel meer dan taal alleen. Verhalen zorgen voor herkenning, ontmoeting, zelfreflectie en onderlinge gesprekken. Medewerkers voelen zich gehoord en krijgen de ruimte om hun ervaringen te delen."
Je concludeert dat taalontwikkeling niet het doel moet zijn, maar dat verhalen centraal moeten staan. Kun je dat uitleggen?
"Voor veel mensen roept het woord taalontwikkeling al snel herinneringen op aan school of leren. Dat kan een drempel vormen. Verhalen werken anders. Iedereen heeft een verhaal en iedereen heeft ervaringen die het waard zijn om te delen. Dat maakt het veel toegankelijker. Het gesprek begint niet bij wat iemand wel of niet kan, maar bij wat iemand heeft meegemaakt. Taal wordt daardoor een middel en niet het doel."
Iedereen heeft een verhaal. Dat maakt een schrijversbezoek veel toegankelijker dan een activiteit die direct over taal gaat.
Welke eigenschappen maken een schrijver geschikt voor een bezoek aan deze doelgroep?
"Uit de interviews kwam duidelijk naar voren dat een schrijver affiniteit moet hebben met de doelgroep. Het gaat erom dat iemand contact kan maken met deelnemers en de communicatie kan afstemmen op de aanwezigen. Nieuwsgierigheid, geduld en oprechte interesse zijn daarbij belangrijk. Schrijvers die aansluiten bij de leefwereld van deelnemers creƫren een veilige en toegankelijke sfeer waarin mensen makkelijker hun verhaal delen."
Hoe kan de Schrijverscentrale volgens jouw onderzoek meer laaggeletterde volwassenen bereiken?
"Organisaties hebben behoefte aan duidelijkheid en praktische voorbeelden. Daarom kunnen we hen helpen door schrijversbezoeken zo concreet mogelijk te presenteren. Denk bijvoorbeeld aan schrijvers die met duidelijke voorbeelden op hun profiel laten zien welke activiteiten zij aanbieden. Ook kunnen we organisaties ondersteunen bij het kiezen van een passende schrijver en het vormgeven van een programma dat aansluit bij hun medewerkers. Juist die actieve rol werd in de interviews vaak genoemd."
Waar ben je het meest trots op als je terugkijkt op deze scriptie?
"Dat het gelukt is om twaalf organisaties verspreid over heel Nederland te spreken. De gesprekken waren ontzettend waardevol en leverden veel inzichten op. Daarnaast vond ik het mooi dat veel respondenten tijdens de interviews voor het eerst kennismaakten met de mogelijkheden van schrijversbezoeken. Voor sommigen was dat aanvankelijk een onbekend concept, maar gaandeweg zagen ze steeds meer kansen en mogelijkheden."
Welk inzicht uit het onderzoek blijft je het meest bij?
"Een respondent zei tegen mij: 'Ik ben ervan overtuigd dat wanneer iemand lekker in zijn vel zit doordat diegene beter kan lezen of rekenen, dat dat uitstraalt op de hele omgeving van die persoon en dat je daardoor een gemotiveerder en meer betrokken medemens en medewerker krijgt.'
Dat vond ik een mooie gedachte. Het laat zien dat basisvaardigheden niet alleen gaan over lezen en schrijven, maar ook over zelfvertrouwen, welzijn en meedoen in de samenleving. Als schrijversbezoeken daar een bijdrage aan kunnen leveren, dan is dat ontzettend waardevol."