Willem Tjebbe Oostenbrink schrijft in het Nederlands en het Gronings (Westerkertiers) en publiceerde de Groninger poëziebundels Opdreugde troanen (Philip Elchers Groningen 2013) en Zolt en Stof (Vliedorp Houwerzijl 2017). Hij treedt op, geeft presentaties en workshops over poëzie, conceptueel denken en creativiteit en taal en ontwikkeling van talen in culturele en nationale context. Hij schrijft columns over poëzie en taalonderwerpen voor het digitale tijdschrift Meander Magazine. Hij studeerde in Wageningen, o.a. wijsgerige antropologie.
Gedichten zijn verschenen in bloemlezingen en tijdschriften als Groninger tijdschrift Krödde, het Drentse blad Roet, het Friese blad Ensafh, Meander, Sla|Avier, beleidsrapporten o.a. Waddenprogramma. Bij de Nationale gedichtenwedstrijd (Turing, Prijs de Poëzie) zijn verschillende gedichten van hem in de top 100 geëindigd.
In Duitsland zijn gedichten gepubliceerd in de Nedersaksische jaarboeken van de Klaus Groth Gesellschaft en Freudenthal en in de Duitse bloemlezingen van DAS GEDICHT. Verder poëzie in het Bulgaars No Poesia.
En in de publieke ruimte zijn verschenen: De Fochtel - Fochterloërveen, Over laand en licht - Grootegast, Over bruggen - Zuidhorn; Dokkumer Nieuwe Zijlen - op de locatie; Opgoan - Vierhuizen).
Hij heeft verschillende prijzen ontvangen voor Nedersaksische literatuur (Freudenthal Aanmoediging 2010; Borslaprijs 2014 en 2021; Johann Friedrich Dirks stad Emden in 2017).