Toen ik nog onderwijzer was, besteedde ik in mijn klas veel tijd aan voorlezen en vertellen. De kinderen vonden mijn verhaaltjes leuk en zetten mij graag op mijn praatstoel. Een vriend raadde me aan die verhaaltjes naar de Taptoe, de Okki en de Donald Duck te sturen. Dat heb ik gedaan. Met succes. Mijn vrouw is in Indonesië geboren en heeft een groot deel van haar jeugd daar doorgebracht. Haar vader heeft me er veel wonderlijke verhalen over verteld. Ik zat dan naast hem op de vloer van de eetkamer met mijn rug tegen de gloeiend hete radiator van de verwarming. Hij had het altijd koud, mijn schoonvader. Mijn eerste boek De kris danst verscheen in 1986 bij uitgeverij Zwijsen. Dank zij de heimwee van mijn schoonvader had ik mijn inspiratiebron gevonden: Indonesië, het land van herkomst. In 1992 ontving ik een prijsje van de kinderjury voor mijn boek De weg terug en in 1994 overkwam me hetzelfde voor Vluchten voor een glimlach. Mijn boeken verschijnen bij Zwijsen, Maretak en Delubas. De trilogie De huid van de slang verscheen in 2016 bij uitgeverij Maretak.Ik ben nog steeds een schrijver die lesgeeft en een onderwijzer die schrijft. Vandaar dat ik met veel plezier schoolschrijver ben.