Het eerste verhaal dat Michiel op zesjarige leeftijd schreef kwam tot stand op een begraafplaats. Toepasselijk, aangezien men vaak beweert dat verhalen ons helpen om ons te verzoenen met onze sterfelijkheid. Michiel zou liever zien dat verhalen ons helpen om goed te leven. Want met alle mogelijkheden die we hebben om elkaar het leven zuur te maken, is het leiden van een goed leven een hele kunst.
Michiel schrijft graag over zoekende karakters. Mensen die hun weg proberen te vinden in het leven en die daarbij hun best doen om tijdens hun zoektocht anderen niet onnodig te beschadigen. Zijn schrijversmotto luidt: Vechten is veilig, liefde is lastig. Waarbij "vechten" staat voor de schuld voor jouw situatie bij een ander leggen en vervolgens met die ander de strijd aanbinden (= veilig). En "liefde" staat voor zelfonderzoek en aan jezelf werken (= lastig).
Om een opgeheven vingertje te vermijden, giet Michiel zijn verhalen in een zo onderhoudend mogelijke vorm. Michiel houdt namelijk van verhalen die bedrieglijk lichtvoetig of bedrieglijk absurdistisch zijn en die, daaronder, wel degelijk over essentiële kwesties gaan.