Matthijs van Boxsel (1957) studeerde cum laude af op de domheid, maar koos voor de literatuur. Na het publiceren van studies over Robert Musil en Flaubert, besloot hij zich volledig op de domheid te richten. Sinds de jaren tachtig leeft Van Boxsel van de domheid. De gevolgen zijn overal merkbaar. Na drie kleine delen, verscheen in 1999 het grote boek, De Encyclopedie van de Domheid die inmiddels in 17 landen is vertaald. Het boek werd genomineerd voor de Generale-Bank-prijs en de Jan Hanlo-prijs. Sindsdien is Morosofie verschenen, met honderd waantheorieën van Nederlanders en Vlamingen uit de twintigste eeuw. Aan het boek is een grote overzichtstentoonstelling gewijd in het Dr Guislain Museum in Gent. Het verschijnen van Deskundologie of domheid als levenskunst viel samen met de oprichting van De Nederlandse Academie voor 'Patafysica. Inmiddels is ook Domheid als Methode gepubliceerd. Het wachten is op De Topografie van de Domheid, met de spreekwoordelijk domme plaatsen in de wereld. Van Boxsel leeft van zijn lezingen voor literaire verenigingen, managers, huisartsen enzovoort, waarin hij op feestelijke wijze de domheid analyseert met behulp van tekenfilms, sprookjes, tuinarchitectuur en het koningshuis.. Ook geeft hij stoomcursussen domheid aan universiteiten, en een cursus 'Patafysica aan de KABK. Van Boxsel is officieel Régent aan het Collège de 'Pataphysique in Parijs.