Marit Buur groeide op in Den Haag in een gezin met een Indische vader, een Nederlandse moeder en twee zusjes. Na haar middelbare schooltijd ging zij Frans studeren in Delft en later Frans en Engels aan de lerarenopleiding. Na jaren in het toerisme gewerkt te hebben stapte zij in 2007 over naar het onderwijs om daar eerst Engels en later ook Frans te doceren. Schrijven is altijd haar passie geweest en toen haar vader in december 2017 overleed, besloot zij om zijn memoires te bewerken tot een non-fictieve roman die de titel 'Namens mijn vader' kreeg', met als ondertitel 'de Indische stilte verbroken'. In zijn memoires beschrijft haar vader de vooroorlogse tijd in Nederlands-Indië, de tweede wereldoorlog die hij doorbracht in een Japans interneringskamp en de tijd daarna waarin duidelijk wordt wat voor sporen deze afschuwelijke tijd heeft nagelaten. Het is voor zover bekend, de enige gepubliceerde getuigenis van een jongetje die in het meest beruchte mannenkamp (het Prominentenkamp) op Java heeft gezeten. Belangrijke thema's zijn veerkracht en verscheurdheid.
Door haar werk in het onderwijs is Marit Buur het gewend om voor groepen te staan en haar verhaal te doen. Zij is geinterviewd voor radio en tv en zij heeft ook voor volle zalen fragmenten uit haar boek voorgelezen en verteld over haar roman.