Dewi de Nijs Bik (1990) debuteerde met de poëziebundel Indolente (de Arbeiderspers, 2023) die drievoudig genomineerd werd voor De Grote Poëzieprijs, de Herman de Coninckprijs en de C. Buddingh'-prijs. In Indolente gaat ze op zoek naar een taal die ons gedeelde verleden tastbaar maakt - onderweg dient zich een onverwachte geschiedschrijver aan: de oester.
Haar werk verscheen verder zoal in de literaire tijdschriften DW B, nY, Poëziekrant en het Berlijnse SAND Journal en als audiowerk online op DIG en bij de VPRO. Ze schreef tien jaar lang artikelen en interviews voor Indisch maandblad Moesson, was programmamaker bij experimenteel poëziecentrum Perdu en is momenteel bestuurslid bij de Auteursbond. Regelmatig draagt ze voor op diverse podia in Nederland en België en ze stond met haar werk op onder meer de literaire festivals Poetry International, Transpoesie en Winternachten.
Indolente in de pers:
"(...) door naamloze slachtoffers een stem te geven, laat Dewi de Nijs Bik zien dat de geschiedenis zoals we die menen te kennen voortdurend heroverwogen moet worden. Het persoonlijke kan dan een nieuwe algemene geldigheid krijgen."
- NRC (*****)
"Een debuut als dit laat zien dat we er niet meer komen met onze vastgeroeste leeswijzen, we moeten openstaan voor alle mogelijke nieuwe uitdrukkingsvormen."
- Het Parool
"Het is waardevol om deze zoektocht, die telkens naar nieuwe vormen en contexten leidt, als lezer te mogen volgen. Ze maakt Indolente tot een hoopvol, gedurfd en rijk debuut."
- Poëziekrant
"Indolente excelleert in het vinden van die vormen en toont daarmee aan dat poëzie niet alleen een belangrijke bijdrage kan leveren aan de uitbreiding van het culturele geheugen, maar ook aan het zichtbaar maken van de politieke geschiedenissen die zich daaronder uitstrekken."
- deReactor