Daisy Scholte schreef de roman Geen Weesmeisje. Maar haar verhaal begint lang vóór het boek. Op haar negentiende vertrok ze vol goede bedoelingen naar Noord-India. Ze gaf er twee maanden lang Engelse les op een school. Maar er klopte iets niet. Wat ze later leerde, veranderde haar leven.
Elk jaar trekken duizenden Nederlandse jongeren eropuit om vrijwilligerswerk te doen met kwetsbare kinderen in scholen en weeshuizen. Met goede bedoelingen, maar zonder te weten wat er werkelijk gebeurt. Tot 90% van de kinderen in weeshuizen is helemaal geen wees. Ze zijn een verdienmodel, voor een industrie die draait op de idealen van Westerse jongeren. Daisy deed een minor Humanitarian Management en verdiepte zich daarna jarenlang in deze industrie. Ze werkte als impactmanager in de reiswereld en adviseerde bedrijven over hun rol in het systeem. Voor haar boek sprak ze met organisaties die nepwezen opsporen en terugbrengen naar hun ouders. Ze kent dit onderwerp van binnenuit: als ervaringsdeskundige, als professional en nu als schrijver.
Geen Weesmeisje is een yound adult roman die raakt en ongemakkelijk maakt. Precies wat nodig is. Daisy vertelt het verhaal zonder vingertje, maar met urgentie. Ze spreekt vanuit eigen ervaring én vanuit jaren kennis over weeshuistoerisme, kinderbescherming en de ethiek van vrijwilligerswerk. Haar lezingen zijn daardoor breed inzetbaar. Ze zijn relevant voor scholen die jongeren voorbereiden op een tussenjaar of stage in het buitenland. Voor opleidingen Sociale Studies, International Development of Toerisme. Voor organisaties in de reissector. En voor debatten over bewust reizen en ontwikkelingshulp.
Daisy spreekt concreet, persoonlijk en zonder omwegen. Ze stelt vragen die aan het denken zetten. Wat als het andersom was? Wat betekent het om te helpen als je niet weet hoe? En: waarom doen we dit eigenlijk?